![]() |
|
Albrecht Dürer
|
De gotiek zette tegen 1200 in Duitsland in. In tegenstelling tot de voorafgaande periode werden weinig grote kathedralen gebouwd. De beroemdste is de kathedraal van Keulen, die pas in de 19e eeuw voltooid werd. Wel werden veel kleinere kerken opgetrokken, o.a. de typisch Duitse hallenkerken: kerken waarvan het middenschip even hoog is als de zijbeuken.
Kort na 1500 zette de Renaissance in. Verreweg de beroemdste kunstenaar was de veelzijdige Albrecht Dürer. Zijn tijdgenoten waren o.a. Lucas Cranach de Oudere, Hans Burgkmair de Oudere, Albrecht Altdorfr, een van de voornaamste leden van de zgn. Donauschool, en Hans Baldung Grien.
Na een periode van stilstand, veroorzaakt door de Dertigjarige Oorlog (1618- 1648), volgde in de tweede helft van de 17e eeuw en in de 18e eeuw een bloeiperiode. De heersende stroming was de barok, in de loop van de 18e eeuw vermengd met speelse elementen en lichte kleuren van het rococo. Talloze kerken en kerkjes verrezen of werden aangepast aan de smaak van de tijd, vooral in Zuid-Duitsland, maar ook elders. Veel wereldlijke en geestelijke machthebbers lieten in deze tijd paleizen vergroten of nieuw bouwen.
Kort na 1750 zetten de verschillende neoclassicistische stromingen in; tot het ontstaan daarvan heeft de Duitser Johann Joachim Winckelmann, archeoloog en kunsthistoricus, veel bijgedragen. De bekendste architect uit die periodewas Carl Friedrich Schinkel.
Beroemd is de landschapschilder Caspar David Friedrich, die tot de Romantiek wordt gerekend. Bekend waren ook de Nazareners (ca 1810-1820), die een `nieuw-Duitse religieus-patriottische' kunst voorstonden. Van 1815-1848 overheerste de biedermeiertijd